Bij de heraanleg van de Korenmarkt werd in de realisatie van twee kunstwerken voorzien. Het gaat over het oprichten van twee zuilvormige constructies. Momenteel worden de sokkels van beide kunstwerken gebruikt als zitbank, maar daar komt verandering in. Het college van burgemeester en schepenen heeft ermee ingestemd om de onderhandelingen op te starten met twee kunstenaars, Didier Vermeiren en Rebecca Warren. Beide zuilen zullen een maximale hoogte hebben van 24 meter en een diameter van 2,50 meter. Het college van burgemeester en schepenen ging ermee akkoord om te beginnen met de uitvoering van het ontwerp van beeldhouwer Didier Vermeiren, die als eerste geselecteerd werd. Zijn kunstwerk zal geplaatst worden aan de kant van de Donkersteeg.
Didier Vermeiren (°1951) werd bekend door zijn werk dat de status van en de relatie tussen de sokkel en het beeld bestudeert. In vroeger werk ging zijn aandacht naar sokkels van beroemde beeldhouwwerken. Nooit voorheen was de sokkel als deel van het beeldhouwwerk op die expliciete en originele manier benaderd. Daardoor is hij een logische keuze voor het ontwerpen van een monumentale zuil.
Rebecca Warren (°1965) is een gereputeerde Britse beeldhouwster. Zij combineert een wijde keuze van inspiratiebronnen met een sterk vormbewustzijn. Haar werk wordt vooral gekenmerkt door een fascinatie voor de vrouwelijke vorm, wat haar de aangewezen ontwerpster maakt voor de ‘vrouwelijke’ zuil.
Voor dit artistieke project op de Korenmarkt was reeds 100.000 euro vastgelegd voor de eerste fase van het voorontwerp en voor de stabiliteitsstudie, die voor deze monumentale constructies noodzakelijk is. In de begroting 2012 werd 250.000 euro ingeschreven voor de realisatie van het eerste ontwerp van de hand van Didier Vermeiren. Link Kobra: http://www.gent.be/eCache/WBS/1/45/895.html
zaterdag 28 januari 2012
Gentse Korenmarkt krijgt twee Kobra zuilen
Gepost door
Guido Van Peeterssen
op
04:45
0
reacties
Labels: Didier Vermeiren, Kobra, Korenmarkt, Rebecca Warren
maandag 14 maart 2011
Kruiwagen XVII: over putten en bulten.
Na het terreinwerk moeten alle bevindingen worden uitgewerkt, een langetermijnopdracht als men rekening houdt met de duizenden sporen die bij het terreinwerk werden geregistreerd. Die vele partiële bevindingen moeten voorts in een volledig verhaal worden omgezet, een verhaal dat ook de betekenis van die plekken probeert te vatten en dit vanaf de prehistorie tot aan het eind van de 20e eeuw. Het zal dan ook nog wel enige jaren duren vooraleer de volle betekenis van het gerealiseerde onderzoek in nieuwe stadskennis worden omgezet. Toch zijn er al hoofdlijnen die tijdens het terreinwerk en de opmaak van de plannen duidelijk worden. Eén van die aspecten heeft te maken met het ruimtegebruik in de middeleeuwse stad. Nu al blijkt dat dit opmerkelijk afwijkt van de ietwat verouderde, maar nog steeds populaire visie als zou een middeleeuwse stad vooral een kluwen van smalle, kronkelende stegen zijn geweest. In het bijzonder de opgravingen op het Emile Braunplein tonen aan dat dit voor het centrum van het middeleeuwse Gent in de periode 13e-15e eeuw zeer sterk dient te worden genuanceerd.
Eerste fase van het archeologisch onderzoek tussen Vrijdagmarkt en Onderstraat
In het najaar van 2010 werd door aDeDe bvba, wetenschappelijk ondersteund door de Dienst Stadsarcheologie van de Stad Gent, in het gebied tussen de Vrijdagmarkt en de Onderstraat te Gent de eerste fase van een vlakdekkend archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het onderzoek gebeurde in opdracht van Twizzle NV en kadert in het plan voor de bouw van een woningen- en winkelcomplex. Doel van het onderzoek was het waarderen en inventariseren van de aanwezige archeologische resten die door de werken zouden worden vernietigd. De site bevindt zich op een cruciaal punt in de stadsontwikkeling van Gent en een archeologisch vooronderzoek was dan ook noodzakelijk. Er werd reeds één vlakdekkende werkput aangelegd, waar in vier opeenvolgende vlakken de aanwezige sporen werden onderzocht. Tijdens dit deel van het onderzoek werden in totaal 183 sporen gedocumenteerd. Er werden in de eerste vlakken sporen aangetroffen uit de 19e en 20e eeuw, maar de overige sporen zijn voornamelijk in de late middeleeuwen te plaatsen. De sporen uit de 19e en 20e eeuw zijn de resten van de huizen die tot voor kort op de site aanwezig waren.
Op basis van de aangetroffen resten kan voorts gesteld worden dat de perceelindeling tenminste teruggaat op een situatie uit de late middeleeuwen. De sporen uit de late middeleeuwen omvatten voornamelijk muren, kuilen en tonputten. De kuilen en tonputten bevonden zich in een 14e-eeuws humeus pakket, waardoor de organische onderdelen van de putten en van de inhoud uitstekend bewaard bleef. De drie tonputten waren op de natuurlijke bodem aangelegd, bestonden uit houten spanten en houten hoepels en waren met afval opgevuld. Op het diepste niveau werden afvalkuilen en mestkuilen aangetroffen, die in de volle middeleeuwen kunnen worden gedateerd. De volgende fasen van het onderzoek kunnen een licht werpen op de historische en culturele context waarin deze sporen zich bevinden en hoe ze zich verhouden tot de stadsontwikkeling in dat deel van Gent.
Het voormalige Ongeschoeide Karmelietessenklooster: de ontsluiering van een stukje verborgen Gents patrimonium
In de Theresianenstraat was van 1644 tot 2007 het klooster van de Ongeschoeide Karmelietessen of Theresianen gevestigd. Het was een slotklooster waar de zusters in alle rust en geslotenheid hun leven wijdden aan God. In 2007 verlieten de laatste zusters het complex om te gaan leven in een zusterklooster in Oudenaarde. De gebouwen werden toen in erfpacht gegeven aan de vzw Jongerenhuis die er een orientatie-, observatie- en onthaalcentrum voor probleemjongeren wil inrichten. Op de Open Monumentendag van 2009 kon het publiek voor het eerst kennis maken met het klooster. Het werd ook het onderwerp van een masterproef voor het behalen van het diploma Monumenten- en Landschapszorg aan de Artesis Hogeschool Antwerpen. De studie omvatte twee delen. Vanuit de vooropleiding in de geschiedenis werd een bouwhistorische studie van dit zo goed als onbekende klooster aangepakt. Vanuit de architectenopleiding werden de schadepatronen bestudeerd, werden de mogelijke herbestemmingen ontleed en werd een concreet restauratievoorstel uitgewerkt. Uit beide onderzoeken is gebleken dat het gebouw heel wat architecturale en historische waarden kent, maar zich anderzijds ook in een zeer slechte bouwkundige toestand bevindt. Momenteel is men bezig met de beschermingsprocedure van het complex en hoopt men dit stukje verborgen Gents patrimonium te behouden en bekend te maken bij het publiek. Op de presentatie valt de klemtoon op de interessante geschiedenis van dit eeuwenoude klooster. De verschillende bouwfases van het klooster en het specifieke leven van de zusters in dit slotklooster zullen worden besproken. Veder zal worden ingegaan op de architecturale kwaliteiten en unieke elementen die het gebouw kent, en zal het specifieke karakter van dit slotklooster uiteengezet worden.
Praktisch: woensdag 30 maart 2011 om 20 uur in de Panoramische Zaal Middenstandshuis, Lange Kruisstraat 7, 9000 Gent (bij Sint-Baafsplein en Sint-Baafskathedraal)
Toegang: 5 euro, GVSA-leden gratis
Organisatie: Stad Gent, Dienst Stadsarcheologie en vzw Gentse Vereniging voor Stadsarcheologie
Informatie: Dienst Stadsarcheologie, De Zwarte Doos, Dulle Grietlaan 12, 9050 Gent-Gentbrugge, tel. 09 266 57 60, fax 09 266 57 87, e-mail stadsarcheologie@gent.be
Gepost door
Guido Van Peeterssen
op
07:14
0
reacties
Labels: Dienst Stadsarcheologie, Kobra, Kruiwagen XVII
zaterdag 19 februari 2011
Gentse winkelstraten vieren feest op 5 maart
Gepost door
Guido Van Peeterssen
op
04:49
0
reacties
Labels: Daniel Termont, Kobra, Martine De Regge, Mathias De Clercq, winkelstraten
woensdag 3 november 2010
Toeristisch jaar tot nu toe succesvol in Gent
Door de economische crisis was 2009 een jaar dat we beter vergeten, ook voor het toerisme in de Vlaamse steden. Maar nu blijkt dat het aantal overnachtingen in Gent de eerste zes maanden van 2010 zeer succesvol zijn. De Algemene Directie Statistiek noteerde voor deze periode 354.122 overnachtingen. Dat betekent een stijging met bijna 10% ten opzichte van dezelfde periode in 2009. Hiermee zit Gent ruim boven de stijging met 6 % van alle kunststeden samen. Maar niet alleen het aantal overnachtingen van 2009 werd overtroffen. Ook het aantal overnachtingen van 2008, een recordjaar voor Gent, wordt verbeterd.
De grootste stijging wordt gerealiseerd in het zakentoerisme (+28%), maar het verlies in 2008 was daar ook het grootst. Ook de overnachtingen in het kader van congressen stijgen met 23%. De overnachtingen voor ontspanning stijgen het minst (+2,4%), maar deze sector kende in 2009 dan ook geen terugval in Gent. Als deze stijgende trend zich doorzet tot eind 2010 wordt de kaap van 800.000 overnachtingen benaderd. Dat is niet onrealistisch want juli en augustus, traditioneel de maanden met de meeste overnachtingen, waren dit jaar ook zeer goed. Ook in het infokantoor van Dienst Toerisme, momenteel in het Belfort gehuisvest, steeg het aantal bezoekers met 3,7% in de periode januari-september.
De grootschalige verfraaiingswerken in het historisch centrum hebben dus geen negatieve impact op de overnachtingen in Gent en de bezoekers in het infokantoor. Integendeel, Gent verwerkte begin dit jaar nog een aantal annulaties door de vulkaanuitbarsting in IJsland. Met de recente opening van het STAM, de beëindiging van de restauratiewerken aan het Lam Gods eind oktober en de toekomstige voltooiing van de Kobra werken in het vooruitzicht zien we het toerisme in Gent in de nabije toekomst verder positief evolueren.
